Kansrijke trends voor de visserijsector in 2015

De visconsument van 2014 was vooral op zoek naar vragen. Waarom worden de garnalen gepeld in Marokko en niet in Nederland? Wat is nu eigenlijk goede vis? Is het beter om kweekvis of wilde vis te eten? De visconsument van 2015 laat de ‘deskresearch’ achter zich en maakt zich klaar voor een ‘fieldresearch’ met vooral veel doen, proberen en ontdekken.  De visconsument anno nu laat zich niet meer leiden, maar kiest zelf. De trends voor 2015 ter inspiratie op een rijtje:

Alles of niets

Heerlijk die (dankzij visfileren.nl) zelf gefileerde kabeljauwfilets! Maar klopt het nu dat het visvlees in de wangen ook heel lekker is? En kan ik de vissenkop en graten gebruiken voor het trekken van bouillon? Schijnt dat de lever van de mul een delicatesse is, toch? Kies voor alles of niets. Het is namelijk zonde om voedsel weg te gooien. No Waste is het nieuwe duurzaam.

Eten is beleven

Eten is beleven. Beleven wordt gevoed door herinneringen of het moment zelf. Die ene dag in de haven toen je genoot van een gebakken visje met uitzicht op de kotters is een herinnering. Een fijne herinnering die wordt geassocieerd met vis eten. Visliefhebbers snakken naar het beleven van voedselcultuur. Dompel je fans onder in heel veel visserijcultuur tijdens een van de traditionele visserijfeesten of nodig ze uit aan boord en in de afslag. Maar zorg ten alle tijden dat het eten van vis een onderdeel is van de belevenis.

#vrijdagvisdag

We blijven ook in 2015 fanatiek kijken naar alle kookprogramma’s op televisie en foodtube. Vervolgens duiken we ook weer massaal de keuken in. Vergeet je mobiele telefoon niet, maak foto’s van je visgerecht en deel het met je vrienden en volgers op social media. Waarom? Omdat de persoonlijke recepten van jou, mij, de visserman en/of vissersvrouw hipper zijn dan de standaard visrecepten uit de traditionele kookboeken.

Van alle markten thuis

Wie heeft er tegenwoordig geen moestuin met eigen aardappelen, groente en fruit. Niet alles groeit in de achtertuin of in de kas op het balkon, dus koop je de vis op de markt. Op de boerenmarkt, verse vismarkt of foodcourt want daar koop je rechtstreeks in bij de producent, de boer en de visser. De meet-and-greet met de visser die de dag ervoor nog op zee was en jouw vis ving is gratis! Sta ook niet gek te kijken als iemand aardappelen uit zijn moestuin wil ruilen tegen een emmertje vis. De ruilhandel komt weer op gang.

Ik kies lokaal

Lokaal gaat voor welk keurmerk dan ook. Waarom? Omdat je weet waar het vandaan komt en je de lokale visspecialist en visser uit de buurt steunt. Het betekent dat de consument kiest voor vis uit de Noordzee gevangen door vissers uit de regio. Het betekent ook dat de consument genoegen neemt met de ‘vangst van de dag’ en ‘deze week geen vis omdat het slecht weer was op zee’.  Deze trend brengt mensen dichterbij elkaar en zorgt voor saamhorigheid. En deze saamhorigheid uit zich in trots op het eigen dorp, de eigen vissers en de eigen vis.

Deze column is geplaatst in het vakblad Visserijnieuws – 9 januari 2015

Zeeverse vismarkt Wieringen
Zeeverse vismarkt Wieringen
Advertenties

Wat de boer niet kent…

Ze zijn mooi en lief, maar ook erg lekker! Kinderen zijn realistisch. Vissen zijn dieren en dieren zijn leuk. En dieren eten we op mits ze een goed leven hebben gehad. Dat vinden de kinderen van nu. Deze logica van kinderen moet een eyeopener zijn voor volwassenen.

Zo zag ik laatst een televisieprogramma met een broer en zusje die samen voor een varken zorgden. Het varken zou als hij groot genoeg was geslacht worden. Het broertje vertelde dat sommige mensen het vlees van het varken dat ze zelf hebben grootgebracht liever niet eten. Ze eten wel het vlees van het varken dat ze niet kennen en dat verpakt is in een plastic doosje in de supermarkt. En dat vond hij maar raar. Deze jongen heeft gelijk. Het strookt in ieder geval niet met het gezegde ‘Wat de boer niet kent eet hij niet’. Wat je er ook uit op kan maken is dat de (volwassen) consument vervreemd is van zijn/haar voedsel. Gelukkig komen de aankomende generaties weer meer met de voeten in de klei of… met de handen in de vis! Hoe?

Zet een koelmeubel gevuld met scherfijs neer en presenteer daarop de ‘Nederlandse vangst’ tijdens visserijdagen, de Zeeënmarkt in Diergaarde Blijdorp, de Floriade, World Food Festival of ander evenement. Succes verzekerd. Het koelmeubel is sowieso een blikvanger en het meest gefotografeerde object van die dag. Er is een groep mensen die zich staan te verlekkeren boven de vis. Ook zijn er mensen die met een grote afstand langs de vis lopen en er vies naar kijken. Maar de leukste bezoekers komen net met hun neusjes boven het koelmeubel uit: kinderen. Ze gaan niet eerder weg voordat ze alle vissen hebben mogen aanraken, vasthouden en antwoord hebben op al hun vragen. Welke vis is dit? Waar leven ze? Wat eten ze? Hoe worden ze gevangen? Hoe smaakt deze vis?

Vragen die een antwoord verdienen. Antwoorden die we standaard moeten opnemen in onze voorlichting over vis en de visserij. De jeugd is een belangrijke communicatiedoelgroep. Daar horen ook de allerjongsten bij; peuters en kleuters. Als we willen dat zij graag vis eten moeten we ze vertellen waar hun eten vandaan komt en welke weg de vis aflegt vanaf de vangst tot op het bord. Want juist voor deze generatie die opgroeit met duurzaamheid gaat het gezegde wel weer op: ‘Wat de boer niet kent eet hij niet’.

Tijd voor een boek dacht ik. Een kinderboek voor peuters en kleuters waarin ze leren welke vissen er in de Noordzee leven. Echte vissen die realistisch getekend zijn. En misschien steken mama en papa er stiekem ook nog wat van op….

Kijk op www.visserijavonturen.nl

Geplaatst in het vakblad Visserijnieuws – nummer 34 – 22 augustus 2014

 

IMG_2230 (1)

Vanavond eten we géén vis

Eten we vanavond vis, vroeg ik laatst thuis. Nee, kreeg ik als antwoord terug. Maar ik zag toch echt schoongemaakte vis op het aanrecht liggen. Toen ik de vraag opnieuw stelde en hetzelfde  antwoord kreeg wist ik dat ik het anders moest aanpakken. Ik vroeg om uitleg. En die kreeg ik:

“We eten rundergehakt, varkensrollade, kalkoenfilet en kippenpootjes. Maar we eten geen vlees. Laat ik het anders zeggen: we noemen het beestje bij naam. Rund, varken, kalkoen, kip etc. Het allesomvattende woord ‘vlees’ gebruiken we niet om elkaar te vertellen wat we die avond gaan eten. We eten ook geen groente en fruit, maar boontjes en aardbeien. Zelden hoor je iemand zeggen dat ze gaan smullen van een poon of tarbot. Men eet ‘vis’ vanavond. Een visfilet, visburger, vissticks of visvingers. En dat kan bij wijze van spreken alles zijn: van een pangafilet, zalm gamba’s tot schol. Het is algemeen bekend dat de afstand tussen producent en consument groot is. Té groot. Maar volgens mij is de afstand tussen een boer en een consument kleiner dan tussen een visser en een consument. Het product vis is de bindende factor tussen visser en consument. En daar gaat het al mis. De consument weet niet welke vissoorten er op de Nederlandse afslagen worden aangevoerd. Weet ook niet hoe je vis moet schoonmaken, bereiden of in een maaltijd verwerkt. En ze weten ook vaak niet hoe ze het op moeten eten. De vraag of het visvlees van de gebakken tong afgehaald kan worden is in een restaurant heel gewoon geworden. Het wordt tijd dat de consument écht vis leert eten, bewust geniet en zelf ontdekt naar welke vissoort de voorkeur uitgaat. En het wordt dus tijd dat wij ze gaan leren kiezen, eten en genieten. Niet van vis, maar van schol, tong, zeeduivel, pieterman, poon, inktvis, makreel…”

Instemmend heb ik op het betoog ja-geknikt, terwijl ik genoot van mijn gebakken ‘poontje’ in plaats van ‘vis’. Flyshoot gevangen poon om precies te zijn. Ik leg de lat graag wat hoger…

Deze column is geplaatst in het vakblad Visserijnieuws, 13 september, nummer 37

Zeven trekken op een dag

Zeven trekken op een dag. Of meer. Met korte momenten voor jezelf van soms een paar uur, een uur of een kwartier. Die breng je slapend door in de kooi, etend boven de gootsteen in de kombuis of lezend in de stuurhut. Wetende dat je straks weer ‘aan de bak’ mag. Het is hard werken voor een visserman. Ik ben in de leer. Niet als visserman, niet in de kooi, kombuis of stuurhut. Maar gewoon thuis. Als kersverse moeder word ik getraind om het werkritme van ‘zeven trekken op een dag’ onder de knie te krijgen. Ervaringsdeskundige en mental coach is mijn man Cornelis. Het ritme wordt bepaald door de schipper. En die ligt in de wieg…

Image
Deze toepasselijke illustratie ontving ik van Jan van de Voort van het Visserijmuseum Vlaardingen ter felicitatie met de geboorte van onze zoon Walter.
De illustratie komt uit het vakbondsblad Ons Bestek. Orgaan van de Centrale van Zeevarenden ter Koopvaardij en Visserij 7(1962)

De smaak van thuis

Vroeger vond ik het stinken. Nu is het een vertrouwde geur. De vissershaven heeft op vrijdagochtend een aantrekkingskracht op mij. Ik ga er graag eerder mijn bed voor uit om de zee van lichtjes van de schepen die de haven binnenvaren in de verte al te zien. Om de mooie schepen rij op rij aan de steigers te bewonderen en hun motoren te horen ronken. Om bijna omver te worden gereden door de heftrucks die met grote vaart af en aan rijden om de kisten verse vis van de schepen naar de visafslag te brengen. Om vissers, peken, walschippers, mannen jong en oud in dialect en vakjargon naar elkaar te horen schreeuwen om het schip visklaar te maken en snel naar huis te kunnen. Het geluid van deze bedrijvigheid maakt mij trots. Trots op een mooie sector met mensen die vol overgave en traditie het familiebedrijf voortzetten en hebben gekozen voor een vak op zee.

Eigenlijk alleen op vrijdagochtend is het clichébeeld van de ruige ongeschoren zeebonk met gouden oorbel te spotten. In het weekend zijn het namelijk heel huiselijke mannen en vaders die voldoen aan het ideaalbeeld die de Libelle en Margriet schetsen. Met zo hun typische trekjes. Zoals het steevaste rondje met de auto over de haven. Ieder weekend weer. Vissers zijn trouwens ook heel goede koks. Zowel op zee als thuis. Het emmertje verse vis wat van boord mee naar huis gaat wordt geruild tegen groenten en aardappelen of opgegeten. In iedere vissersfamilie wordt er zaterdag vis gebakken.

De aantrekkingskracht van de visserijsector heeft mij ooit de stap doen nemen om vrijdagochtend om zeven uur op de steiger mijn charmes in de strijd te gooien met als doel zo’n gepassioneerde visserman in geel met oranje oliebroek inclusief baard aan de haak te slaan. Het resultaat: getrouwd, woonachtig in het oude vissersstadje Goedereede en zwanger! Ik ben nu letterlijk thuis in de visserij. Figuurlijk voel ik dat ook zo. Want ook ben ik thuis in mijn werk als communicatieadviseur en ambassadrice voor de visserijsector. Eens in de vis, altijd in de vis. Alsof het een levensstijl is. Een gevoel, een cultuur met een eeuwenoude traditie die moeilijk te omschrijven is. Die je alleen voelt als je het beleeft. Iedere buitenstaander die de visserij op een vrijdagochtend van dichtbij heeft mogen zien, horen en ruiken, heeft van dat gevoel mogen proeven. En is vanaf dat moment besmet met het visvirus, gecharmeerd van de verhalen van vissers en de visserij, en verslaafd aan tong, schol, griet, tarbot, zeebaars, poon, mul en vele andere soorten verse vis gevangen door de Hollandse vissersvloot op de Noordzee. Het product vis krijgt een gezicht. En telkens als je vis eet proef je dat gevoel, die herinnering, dat verhaal en beeld. Dat is de smaak van thuis. Heerlijk hè!? Cornelis roept me. Hij heeft vis gebakken.

Gevraagd door Lorenzo Ledel voor het schrijven van bovenstaand gastcolumn in zijn gastronomisch magazine VISION met vis als hoofdmoot.                         nummer 15 – voorjaar 2013

VISION - Gastronomisch magazine met vis als hoofdmoot - nummer 15 2013
VISION – Gastronomisch magazine met vis als hoofdmoot – nummer 15 2013

 

Pagina gastcolumn in VISION
Pagina gastcolumn in VISION

 

 

Visserijbeleving

Zien, horen, ruiken , proeven en voelen. Onze zintuigen staan op scherp in een maatschappij waarin beleven misschien nog wel belangrijker is dan het product en de kwaliteit. De kalkoen op tafel tijdens de feestdagen smaakt beter als we hem eten met de familie, de kaarsjes aan en het buiten lekker koud is. Zo beleven wij Kerst het liefst. In de politiek is het niet anders. Kiezen we voor het charisma, uiterlijk, voorkomen en het feit dat hij of zij zo lekker gewoon is gebleven en foldertjes uitdeelt in woonwijken of kiezen we voor de feitelijke inhoud, ervaring en kennis?

Beleven is een ervaring, perceptie, interpretatie. Een continu interactief proces. Bij betekenisvolle belevenissen gebruiken we onze zintuigen terwijl we iets ondergaan. We worden positief of negatief geprikkeld en dat leidt tot bepaalde emoties. Met als positief resultaat dat iets betekenisvol is in de vorm van waardering, herhalingsbereidheid en bereidheid om de belevenis met anderen te delen.

Eten is één en al beleven! De zintuigen staan op scherp. De vergeten groenten op je bord, geoogst in de moestuin of stadstuin, een lokaal gebrouwen biertje, wild geschoten door een jager uit het dorp en verse vis van onze eigen vloot. Producten met een herkomst en verhaal zijn een beleving op zich. De consument zoekt ze. De juiste balans tussen alle zintuigen zorgt voor een positieve beleving. Dus naast het product is ook de uitstraling van de locatie waar je iets eet of koopt van belang. Dat is wat je ziet. Maar ook het verhaal dat je hoort van de visboer of gastvrouw aan je tafel en hetgeen je ruikt zijn belangrijk en moeten overeenkomen met óf de verwachting overtreffen.

Iedere schakel in keten kan het product vis toegevoegde waarde geven met een snufje beleving. Een voorbeeld: Een visser verkoopt geen poon. Een visser verkoopt poon van de GO1 gevangen op de Noordzee met de vistechniek flyshoot. De handelaar verkoopt deze poon door en voegt daar aan toe in zijn verkoopverhaal dat het Hollandse vis is, gevangen in het seizoen en vanochtend is gekocht op de visafslag in Scheveningen etc. Een verhaal!

Onze visserijsector is één en al beleving, gecreëerd door de mensen in de sector. Een oer-Hollandse sector vol authenticiteit, ambacht en tradities die nog bestaat omdat er altijd met volharding wordt gewerkt aan modernisering. De volgende stap is om deze visserijbeleving uit te dragen en communiceren. Een stap die we bewust en onbewust vanuit onze passie en trots elke dag in het klein uitvoeren, want we laten anderen maar al te graag deelgenoot worden van onze sector. We laten iets zien, horen, ruiken, proeven en voelen. De vijf zintuigen die we vanaf nu als graadmeter inzetten voor iedere gewenste visserijbeleving. Hét evenement wat mij betreft glansrijk door de ‘visserijbeleving- checklist’ komt zijn de traditionele visserij- en vlaggetjesdagen die door heel Nederland worden georganiseerd. Een oude traditie die voldoet aan de laatste trends. Trends waarmee alle zintuigen én de verkoop geprikkeld worden. En als sector beleven we er ook zelf plezier aan. Dus als het gaat over een positief resultaat in de vorm van herhalingsbereidheid zeg ik namens de consument, bezoeker, visliefhebber en mezelf: ‘Dit jaar weer!’

Ook geplaatst in het vakblad Visserijnieuws – 25 januari 2013  www.visserijnieuws.nl

Vlaggetjesdag Stellendam 2011
Vlaggetjesdag Stellendam 2011

Vrijdag

Op vrijdag, de mooiste dag van de week, een eerste bericht plaatsen op mijn blog. Voor de meeste mensen de mooiste dag omdat het bijna weekend en tijd voor de personeelsborrel is, maar in de visserij heeft de vrijdag een heel andere invulling. Een dag vol bedrijvigheid die al begint in de nacht van donderdag op vrijdag. Iedere week weer.

De meeste vissersschepen varen in de loop van donderdagnacht naar hun thuishaven. Voor de mannen aan boord zit er een week hard werken en vis vangen op. De haven is verlicht met allemaal kleine lichtjes. Lichtjes van de kotters. Al tientallen keren gezien, maar blijft schitterend. Daarom ga ik altijd graag kijken. Het liefst zo vroeg mogelijk.

De schepen worden gelost. De medewerkers van de visafslag rijden in alle vroegte op heftrucks om de kisten vis naar de gekoelde schouwruimte te verplaatsen. In de schouwruimte kom je de handelaren tegen. Kritisch, goed gehumeurd en altijd in voor een praatje. Praatjes maken doen deze mannen graag. Net als vissers. Zo hoor en weet je alles. Kadepraatjes worden ze wel genoemd en dan heb ik genoeg gezegd.

De besomming, de totaalprijs die de vis oplevert voor een schip, kan een visserman een goed weekend bezorgen maar als het tegenvalt, zal hij het weekend met kopzorgen ingaan.Vissers kijken altijd vooruit: een nieuwe week met nieuwe kansen.

Ook de vissersvrouwen tellen af naar vrijdag! Hun man is veilig thuis en kan weer een weekend in de watten gelegd worden.